Spel: Levend immuunsysteem

Wat is het?

Deze werkvorm is bedoeld om leerlingen op een actieve manier te laten begrijpen hoe het immuunsysteem kankercellen kan herkennen en aanvallen. Omdat processen zoals T-cellen, kankercellen en immunotherapie niet zichtbaar zijn met het blote oog, helpt deze opdracht om het onderwerp concreet en begrijpelijk te maken.

In ronde 1 zoeken de T-cellen zelfstandig naar kankercellen. Hierbij merken leerlingen dat gewone kankercellen soms gevonden worden, maar dat kankercellen met vermomming moeilijker te herkennen zijn. Dit laat zien dat kankercellen soms kunnen ontsnappen aan het immuunsysteem.

Na een korte bespreking volgt ronde 2. De kaartjes worden niet opnieuw uitgedeeld. Zo blijft de situatie hetzelfde en kunnen leerlingen goed vergelijken wat er verandert wanneer immunotherapie wordt toegevoegd. De leerling met immunotherapie mag kaartjes bekijken en T-cellen waarschuwen, maar schakelt zelf geen kankercellen uit. Dit laat zien dat immunotherapie het immuunsysteem ondersteunt, in plaats van zelf als afweercel te werken.

De uitgeschakelde gezonde cellen maken zichtbaar dat het immuunsysteem voorzichtig moet zijn. Als een T-cel per ongeluk een gezonde cel aanvalt, is de gezonde cel af. Dit kan worden gekoppeld aan het idee dat een te actieve of verkeerd gerichte afweer schadelijk kan zijn voor gezonde cellen.

Aandachtspunten voor de docent

Gebruik kaartjes van dezelfde kleur, zodat rollen niet direct herkenbaar zijn. Leg vooraf duidelijk uit dat het spel een vereenvoudigde voorstelling is van wat er in het lichaam gebeurt. Immunotherapie werkt in werkelijkheid ingewikkelder, maar in deze opdracht staat centraal dat het de afweer helpt om kankercellen beter te herkennen of aan te vallen.

Bespreek na afloop vooral het verschil tussen ronde 1 en ronde 2:

  • Werden er meer kankercellen gevonden na immunotherapie?
  • Waren er minder vermomde kankercellen over?
  • Waren er minder foutpunten?
  • Waarom moet het immuunsysteem gezonde cellen met rust laten?
  • Houd de rondes kort, 5 minuten per ronde is voldoende. Zo is het goed in de les te integreren.

Deze nabespreking is belangrijk, omdat leerlingen anders vooral het spel onthouden en minder de biologische betekenis erachter.

Leerdoelen

Na deze opdracht kun je uitleggen:

  1. wat het immuunsysteem doet;
  2. wat T-cellen zijn;
  3. waarom kankercellen soms moeilijk te herkennen zijn;
  4. wat immunotherapie doet;
  5. waarom het immuunsysteem gezonde cellen niet moet aanvallen.

Korte uitleg voor leerlingen

Je lichaam heeft een afweersysteem. Dat heet het immuunsysteem. Dit systeem beschermt je tegen ziekteverwekkers, zoals bacteriën en virussen.

Het immuunsysteem kan soms ook afwijkende cellen herkennen, zoals kankercellen. Een belangrijke afweercel hierbij is de T-cel. Een T-cel kan afwijkende cellen opsporen en aanvallen.

Maar kankercellen zijn lastig. Ze ontstaan uit je eigen lichaamscellen. Daardoor lijken ze soms nog op gezonde cellen. Sommige kankercellen kunnen zich zelfs als het ware vermommen, waardoor T-cellen ze moeilijk herkennen.

Bij deze opdracht speel je na hoe T-cellen kankercellen zoeken. Daarna komt immunotherapie in het spel. Immunotherapie helpt het immuunsysteem om kankercellen beter te herkennen en aan te vallen.


Voorbereiding

De docent of begeleider deelt de kaartjes uit. De leerlingen houden hun kaartje geheim.

Voorbeeld bij een klas van ongeveer 20 leerlingen:

Rol (kaartje) Aantal
Gezonde cel 8
Kankercel 4
Kankercel met vermomming 3
T-cel 4
Immunotherapie (afwijkende kleur) 1

Ronde 1 — Zonder immunotherapie

In ronde 1 proberen de T-cellen de kankercellen te vinden zonder hulp van immunotherapie.

Stap 1 — T-cellen zoeken

De T-cellen lopen rond en praten met andere leerlingen.

Ze mogen vragen stellen zoals:

  • “Ben jij een gezonde cel?”
  • “Deel jij normaal?”
  • “Gedraag jij je anders dan andere cellen?”
  • “Ben jij verdacht?”

De leerlingen mogen antwoorden op een manier die bij hun kaartje past.

Elke keer mag een T-cel maar 1 vraag stellen voor ze verder moeten, ze mogen later terug komen.

Antwoordregels

Rol (kaartje) Hoe mag deze leerling antwoorden
Gezonde cel Antwoord eerlijk
Kankercel Antwoord eerlijk maar mag proberen af te leiden
Kankercel met vermomming Mag liegen
T-cel Mag zeggen een t-cel te zijn
Immunotherapie Mag aangeven immunotherapie te zijn

Stap 2 — T-cel valt een cel aan

Als een T-cel denkt dat iemand een kankercel is, zegt de T-cel:

“Ik val deze cel aan.”

Daarna laat de leerling zijn of haar kaartje zien.

Gevolgen in ronde 1

Product Prijs
Kankercel (met vermomming) De leerling gaat zitten bij de andere leerlingen met een kankercel kaartje
Gezonde cel De leerling gaat zitten bij de andere leerlingen met een gezonde cel kaartje
T-cel Beide leerlingen spelen verder

Zijn meer dan de helft van de gezonde cel kaartjes weg dan houd de ronde gelijk op en hebben de leerlingen met T-cellen verloren.

Stap 3 — Korte bespreking na ronde 1

Na ronde 1 bespreek je kort wat er gebeurde.

Gebruik bijvoorbeeld deze vragen:

  1. Welke kankercellen zijn gevonden?
  2. Hoeveel kankercellen bleven over?
  3. Waarom waren kankercellen met vermomming moeilijker te vinden?
  4. Hebben T-cellen gezonde cellen aangevallen?
  5. Waarom is dat een probleem in het echte lichaam?
  6. Zijn er nog genoeg gezonde cellen in leven

Belangrijk

Na deze bespreking worden de kaartjes niet opnieuw uitgedeeld.

Iedereen houdt hetzelfde kaartje. Zo kun je goed zien wat er verandert als immunotherapie erbij komt.


Ronde 2 — Met immunotherapie

In ronde 2 komt immunotherapie erbij. De rollen blijven hetzelfde als in ronde 1. Verder speelt ronde 2 hetzelfde als ronde 1.

Stap 4 — Immunotherapie helpt

De leerling met het kaartje immunotherapie mag nu meedoen.

Deze leerling mag bij andere leerlingen het kaartje bekijken door te vragen:

“Mag ik jouw kaartje zien?”

De leerling laat het kaartje alleen aan immunotherapie zien.

Immunotherapie mag de kankercel niet zelf uitschakelen. Immunotherapie helpt alleen de T-cellen.

Wat doet immunotherapie?

Kaartje dat immunotherapie ziet Wat gebeurt er?
Gezonde cel Immunotherapie zegt niets. De gezonde cel blijft staan.
Kankercel (met vermomming) Immunotherapie zegt tegen een T-cel: “Deze cel is verdacht.”
T-cel Er gebeurt niets.

Wat kun je vergelijken?

Na het spel vergelijk je ronde 1 en ronde 2.

Kijk bijvoorbeeld naar:

  • Werden er in ronde 2 meer kankercellen gevonden?
  • Waren er minder kankercellen met vermomming over?
  • Werden er minder gezonde cellen aangevallen?
  • Hoe hielp immunotherapie de T-cellen?

Wat stelt het spel voor?

In het spel In het echte lichaam
T-cellen zoeken de kankercellen Afweercellen controleren het lichaam
Kankercellen moeten gaan zitten Afwijkende cellen worden aangevallen
Kankercellen met vermoming mogen liegen Sommige kankercellen ontsnappen aan het immuunsysteem
Immunotherapie bekijkt de kaartjes Immunotherapie helpt het immuunsysteem om beter cellen te herkennen
Gezonde cellen moeten gaan zitten Het immuunsysteem valt gezonde cellen aan

Uitleg na de opdracht

Deze opdracht laat zien dat het immuunsysteem niet zomaar alles aanvalt. Het moet goed onderscheid maken tussen gezonde cellen en kankercellen.

Kankercellen zijn moeilijk te herkennen, omdat ze uit je eigen lichaamscellen ontstaan. Daardoor lijken ze soms op normale cellen. Sommige kankercellen kunnen zich nog beter verstoppen. In het spel zie je dat bij de kaartjes kankercel met vermomming.

Immunotherapie helpt het immuunsysteem. In het spel mag immunotherapie kaartjes bekijken en T-cellen waarschuwen. In het echte lichaam werkt immunotherapie natuurlijk anders, maar het idee is hetzelfde: het helpt afweercellen om kankercellen beter te herkennen of aan te vallen.

De zittende gezonde cellen laten zien dat het immuunsysteem voorzichtig moet zijn. Als gezonde cellen worden aangevallen, kan dat schadelijk zijn, zijn daarom meer dan de helft van de gezonde cellen af dan hebben de T-cellen verloren.

Reflectievragen voor leerlingen

Beantwoord na het spel deze vragen:

  1. Wat was de taak van de T-cellen?
  2. Waarom waren sommige kankercellen moeilijk te vinden?
  3. Wat deed immunotherapie in ronde 2?
  4. Waarom mocht immunotherapie de kankercellen niet zelf uitschakelen?
  5. Wat betekenen de foutpunten?
  6. Waarom moet het immuunsysteem voorzichtig zijn?
  7. Wat ging beter in ronde 2 dan in ronde 1?

Waarom werkt deze opdracht goed?

Deze opdracht is een activerende werkvorm. Dat betekent dat leerlingen niet alleen luisteren of lezen, maar zelf meedoen.

Dat past goed bij dit onderwerp, omdat je cellen en afweercellen normaal niet kunt zien. Door leerlingen rollen te geven, wordt een onzichtbaar proces zichtbaar.

De werkvorm werkt goed omdat leerlingen:

  • bewegen;
  • samenwerken;
  • vragen stellen;
  • nadenken over hun rol;
  • en na afloop uitleggen wat er gebeurde.

Actief leren helpt leerlingen om moeilijke onderwerpen beter te begrijpen. Onderzoek laat zien dat leerlingen bij actief leren vaak betere resultaten halen dan bij alleen klassikale uitleg.

Maak jouw eigen website met JouwWeb